Chirurgie


Wij beschikken over 3 operatiekwartieren waarin wij werken met gasanesthesie met automatische beademing, elektrocauterisatie en de meest moderne technieken.


De operaties die wij u aanbieden variëren van de “eenvoudige” operaties zoals sterilisatie en castratie tot de meer gecompliceerde technieken. Het type operatie zal bepalen welke chirurg deze al dan niet zal uitvoeren. Onze chirurgen hebben hiervoor reeds meerdere bijscholingen gevolgd en blijven nauwgelet de nieuwste technieken opvolgen en aanleren door middel van zelfstudie en permanente bijscholingen. Ook op gebied van materiaal blijven wij fors investeren om alles up-to-date te houden. Al onze operaties worden altijd volgens de algemeen geldende regels van de aseptie (= steriliteit) uitgevoerd.

De bij ons uitgevoerde operaties kunnen  opgesplitst worden in:

Laparoscopische operaties - kijkoperaties

Deze worden uitgevoerd door Joris

Het wordt steeds normaler om veel operaties uit te voeren op laparoscopische wijze (ook wel een kijkoperatie genoemd). Zowel bij onze honden (en katten), als bij de mens. Deze chirurgische methode heeft voor sommige ingrepen duidelijke voordelen ten opzichte van de niet-laparoscopische ingrepen.

Als het mogelijk is om een ingreep laparoscopisch uit te voeren en we een groot voordeel hiervan voor uw dier verwachten ten opzichte van de klassieke methode, zullen wij steeds een laparoscopische ingreep voorstellen.

Wat is laparoscopie?

Bij laparoscopie wordt er gebruik gemaakt van twee of drie kleine sneetjes in de buik waarin poorten geplaatst worden. Via een eerste poort kan een camera ingebracht worden. De buik wordt opgeblazen met CO2-gas via een insufflator. Dit toestel regelt elektronisch de juiste druk en gashoeveelheid die nodig is om de buik mooi te laten opzetten, zodat een goed overzicht en werkruimte in de buik ontstaan. Vervolgens wordt er met behulp van een tweede snede een zogenaamd werkkanaal gemaakt. Door dit “kanaal” worden de instrumenten ingebracht die nodig zijn om de ingreep uit te voeren. We kunnen via de camera exact zien wat we in de buik aan het doen zijn. Op deze manier kunnen we met hele kleine snedes op zeer moeilijk bereikbare plaatsen komen.

De patiënt wordt volledig steriel ingepakt, op het operatieveld na. Ook de chirurg wordt volledig steriel geprepareerd.
De anesthesie gebeurt met meerdere monitors en uiteraard met gasanesthesie. Indien nodig kunnen wij de dieren ook aan de nodige beademingsapparatuur leggen.

De laparoscopische sterilisatie

Bij de laparoscopische sterilisatie worden onder visuele controle van de camera beide eiertakken opgespoord.
De aanhechting en de bloedvaten van de eiertakken worden vervolgens dichtgeseald (een soort elektrisch dichtkleven)  en doorgeknipt met een elektrische tang.

Hierna  worden de eiertakken via de kleine poort verwijderd. Het gas wordt uit de buik gelaten  en de kleine wondjes worden gehecht met een enkele hechting.
De ideale leeftijd voor de ingreep is 5 à 6 maand, dus voor de eerste loopsheid.
Een fillmpje hiervan kan u hier bekijken

Deze techniek is ook uitermate geschikt om bij teefjes die op de traditionele manier gesteriliseerd zijn en toch nog tekenen van loopsheid vertonen restovarieel weefsel of een restovarium op te sporen. Een filmpje hiervan vindt u hier

Voordelen van een sterilisatie zijn:

  • Geen loopsheid meer en dus ook geen risico op ongewenste dracht
  • Sterk verminderde kans op melkkliertumoren
  • Veel minder kans op suikerziekte
  • Geen baarmoederontsteking meer

Nadelen:

  • Licht veranderde vachtstructuur
  • Neiging tot verdikken (valt perfect op te lossen met juiste voeding)
  • Klein risico op urine-incontinentie

Ook bij poezen kan dit probleemloos uitgevoerd worden.

De baarmoeder wordt in principe niet verwijderd. Meerdere studies hebben immers reeds aangetoond dat dit niet nodig is en meer hinder met zich meebrengt. Indien er toch  een abnormaliteit wordt vastgesteld aan de baarmoeder tijdens de operatie, kan deze meestal nog laparoscopisch verwijderd worden.

De dieren zijn na de laparoscopische sterilisatie veel sneller terug op de been en genezen ook veel sneller van hun operatiewonden dan via de traditionele methode.

Laparoscopisch verwijderde baarmoeder

Cryptorche testikel of binnenbal

Bij reutjes kan het voorkomen dat 1 of beide testikels niet afgedaald zijn uit de buik. Deze testikels hebben een zeer grote kans om zich om te vormen tot een testikeltumor en geven ook gemakkelijker aanleiding tot het ontstaan van een testikeltorsie, wat zeer pijnlijk is en vaak in spoed geopereerd moet worden.

Bij de gewone operatie moest hiervoor standaard een zeer grote incisie gemaakt worden naast de penis om met het blote oog op zoek te gaan naar de testikel in de buikholte. Bij de laparoscopische operatie wordt een eerste poort geplaatst ter hoogte van de navel. Via deze poort wordt de laparoscoop met de camera ingebracht om zo te zoeken naar de testikel. Wanneer deze gelokaliseerd is, wordt afhankelijk van de plaats bepaald waar de tweede en eventueel derde poort moeten komen. De testikel wordt losgewerkt en via 1 van de poorten naar buiten gehaald.

Een filmpje hiervan kan u hier bekijken


Laparoscopisch geassisteerde gastropexie (=preventief vastleggen van de maag)

Wij bieden  de mogelijkheid om  de maag van grote en reuzenrassen  laparoscopisch vast te leggen ter preventie van een maagtorsie. Een maagtorsie is een aandoening die wij vooral zien bij honden met een diepe borstkas waarin de maag veel ruimte heeft om zich te verplaatsen. Wanneer de maag plotseling in de buik van deze dieren draait en zo de in- en uitgang afsluit ontstaat er een noodbedreigende situatie. De juiste ontstaansmechaniek hiervan is nog steeds niet echt geweten ( dit wordt vaak gerelateerd aan voeding, beweging etc..)

De buik zal ernstig opgezwollen zijn en de hond gaat proberen over te geven maar zonder gevolg. Dit is een spoedeisende situatie en het dier  moet onmiddellijk geopereerd worden met een hoge graad op complicaties en vaak overlijden tot gevolg.

Daarom raden wij deze preventieve vasthechting aan bij alle grote rassen (rottweiler, Deense doggen, basset hound…)  Dit kan eventueel tegelijkertijd met de sterilisatie gebeuren.

Een eerste poort wordt geplaatst t.h.v. de navel en via deze poort wordt de camera ingebracht. Daarna wordt een tweede poort geplaatst, 3cm onder de middenlijn achter de ribbenboog op de rechterflank. Via deze poort wordt een babcockklem ingebracht waarmee de maag op de juiste plaats wordt vastgegrepen. De kleine incisie waarin deze poort zit, wordt vergroot tot 4cm en de maag wordt tot tegen deze snee gebracht . Een sneetje van 4 cm wordt door de spierlaag van de maag gemaakt en de  spierlaag van de buikwand wordt vervolgens aan de spierlaag van de maag gehecht.

De huid wordt daarna gesloten. De eerste dagen na de ingreep raden wij aan om meermaals daags kleine hoeveelheden voeding te geven en uw hond niet te wild te laten spelen. Hierna is de maag permanent op deze plaats vastgegroeid en kan uw dier geen maagtorsie meer hebben.

Zo zag deze Deense dog eruit na zijn laparoscopisch geassisteerde gastropexie ( 2 kleine wondjes met een minimum aan last)

Bioptname van lever, milt, pancreas, darmen en nieren

Via 2 kleine poorten van 5mm kunnen wij een enorm groot overzicht hebben over de volledige buikinhoud en daarna desgewenst biopten nemen van de interessante plekken.

Een filmpje hiervan kan u hier bekijken


Leverlobresectie

Het merendeel van de levertumoren heeft een kwaadaardig karakter en deze zijn door de localisatie of uitgebreidheid vaak niet opereerbaar. Meestal zijn levertumoren afkomstig van uitzaaiingen uitgaande van een andere tumor ergens in het lichaam. Soms ontstaan ze uit leverweefsel zelf.
Bij deze hond werd via echografie vastgesteld dat er sprake was van slechts 1, weliswaar erg grote tumor. Via laparoscopie werd de tumor uitgebreid onderzocht of er een mogelijkheid tot resectie was en werden biopten genomen om de graad van kwaadaardigheid van deze tumor vast te stellen. De uitslag was een hepatoma en deze zijn goedaardig. De tumor kon in zijn geheel met de volledige middelste linkerleverlob verwijderd worden.

 


Laparoscopisch geassisteerd verwijderen vreemd voorwerp

Laparoscopisch geassisteerde cystoscopie

Bij een normale cystoscopie gaan we bij teefjes en grote poezen via de plasbuis een rigide staafvormige scoop inbrengen om zo de vagina, plasbuis en blaas te beoordelen.Lees hier meer 

Bij mannelijke dieren is deze opening ofwel te klein (katers) ofwel omgeven door een bot (reuen), zodat een klassieke cystoscopie niet mogelijk is. Dit kunnen we wel eventueel laparoscopisch geassisteerd uitvoeren. Wederom wordt een poort geplaatst ter hoogte van de navel waarin de camera wordt geplaatst om zo de blaas op te sporen. De blaas wordt via een tweede poort tot tegen de buikwand gebracht en hieraan vastgemaakt. Vervolgens wordt een scoop ingebracht via een opening in de blaastop. Op deze wijze kunnen wij een enorm vergroot beeld hebben van kleine blaasletsels, eventuele stenen met gemak opsporen en verwijderen en op zoek gaan naar de uitmonding van de ureters (afvoerkanalen van de nieren). Een filmpje van deze procedure bij een reu vindt u hier:

Voordelen van laparoscopische operaties:

  • De laparoscopische operatie blijkt minder pijn te veroorzaken dan de normale openbuikoperatie. Een onderzoek naar de pijn na een sterilisatie via de openbuikmethode en via laparoscopie heeft aangetoond dat de honden zo’n 65% minder pijn hebben.

  • De kleinere wondjes van de laparoscopische operatie helen sneller en met minder complicaties dan één grotere wonde.


  • Door de kleinere wonden herstelt de hond in zijn geheel ook sneller.

  • Na een laparoscopische operatie is er minder kans op een infectie van de buik of de wonde dan na een normale operatie.

  • Via een groot onderzoek heeft men kunnen aantonen dat de nieren, de longen, de darmbewegingen en het immuunsysteem minder belast worden tijdens een laparoscopische operatie dan tijdens een openbuikoperatie. Het verband tussen het uitvoeren van dit type operatie en de weerslag op deze verschillende orgaanstelsels is echter nog niet duidelijk.

  • Doordat de camera in de buik alle handelingen op een sterk vergrotend tv-scherm zichtbaar maakt, kan je snel een groot en duidelijk overzicht krijgen. Bij de openbuikoperatie werk je diep zonder een veralgemeend overzicht te hebben. Klassiek begint een laparoscopische operatie na het inbrengen van de camera met het standaard overlopen van alle belangrijke organen (lever, milt, blaas, nieren, darmen...) en worden deze dus ook goed geïnspecteerd. Sommige dierenartsen die niet vertrouwd zijn met de techniek beweren dat wij bijvoorbeeld bij een sterilisatie de baarmoeder niet goed kunnen inspecteren doordat deze in de buik blijft liggen. Wij verzekeren u dat wij ons dankzij de camera en de vergroting een veel beter beeld kunnen vormen van wat er zich in de buik van uw dier afspeelt dan via de klassieke methode.

  • We weten dat mensen die een buikoperatie hebben ondergaan op laparoscopische wijze aangeven dat ze wel pijn hebben na de operatie maar de pijn blijkt minder belastend te zijn dan bij de klassieke chirurgie en verdwijnt sneller. Bij een laparoscopische operatie komen minder buikinfecties voor dan bij de traditionele openbuikoperatie. Men verklaart dit doordat er dankzij de overdruk in de buik geen bacteriën via de operatiekamerlucht in de wonde kunnnen treden zodat er post-operatief veel minder problemen ontstaan.

Nadelen

  • Er zijn uiteraard ook nadelen aan deze ingreep. De belangrijkste is de kostprijs. Deze is door het gebruik van zeer kostbare apparatuur hoger dan de gewone operatie. De beschikbaarheid is vaak ook wat minder frequent, waardoor u slechts op bepaalde dagen terecht kan en er nog wel eens een wachttijd kan zijn.

Gespecialiseerde wekedelenchirurgie

Bos: Brachycephaal obstructie syndroom (kortweg kortsnuitproblematiek)

Door een fel doorgedreven fokbeleid is er bij de kortsnuitige rassen de laatste jaren steeds meer en meer geselecteerd op uiterlijke kenmerken die, hoe schattig ze er ook mogen uitzien, veel lichamelijke ongemakken met zich kunnen meebrengen.
Grofweg gezegd is men er in geslaagd hondenrassen te kweken (mops, bulldog, boxers,…) met een steeds kortere snuit. Deze verkorting in de botstructuur is helaas niet terug te vinden in de weke delen.
Hierdoor hebben deze dieren onder andere een overdreven huidplooivorming op hun lichaam. Deze plooien kunnen aanleiding geven tot intertrigo (huidplooiontsteking) en eventueel de ogen irriteren zoals bij deze mops, waardoor de plooien eventueel verwijderd moeten worden.

Het grootste probleem ontstaat echter met de ademhaling. Vaak worden deze dieren geboren met te nauwe neusgaten, waardoor de ademhaling door de neus fel belemmerd wordt. Dit gaan wij reeds op jonge leeftijd chirurgisch aanpakken omdat deze nauwe neusgaten ervoor zorgen dat het inademen, wat honden altijd via de neus proberen te doen, gepaard gaat met een sterk verhoogde negatieve druk in de keel om toch voldoende lucht binnen te krijgen. Hierdoor gaat het reeds verlengde zachte gehemelte verdikken en nog verder verlengen.

Filmpje verlengd zacht gehemelte:

Deze op het eerste zicht “kleine” aanpassing, zal een wereld van verschil betekenen voor het desbetreffende dier.

De meeste last gaan deze dieren echter hebben van een te lang zacht gehemelte. Het “grappig” snurkende geluid is eigenlijk niets anders dan een vorm van stikken. De dieren zuigen hun te lang zacht gehemelte binnen in hun strottenhoofd, waardoor de luchtvloei afgesloten wordt. Enkel door te slikken of te hoesten kunnen ze hun ademhaling terug onder controle krijgen. Bij inspanning of warmte, wanneer er dus meer gehijgd wordt, gaan we merken dat deze dieren zeer snel moe worden en zelfs flauwvallen of in het meest extreme geval stikken en doodgaan.
Filmpje met een ernstig verstoorde ademhaling voor de operatie:

en een filmpje van de ademhaling juist na het ontwaken van deze chirurgie:

Door het ademen met verhoogde negatieve druk gaat op termijn het strottenhoofd, dat bij sommige rassen zoals de mops van nature uit niet stevig is aangelegd, nog verder verzwakken en eventueel invallen en ook de luchtpijp kan zo gaan afplatten. Dit is onomkeerbaar en kan eventueel leiden tot het plaatsen van een permanente tracheostomie (permanente opening in de luchtpijp).

Licht afgeplatte luchtpijp via bronchoscopie waargenomen

Ons allereerste advies is bij deze dieren een fokbeleid na te streven zodat deze problematiek op termijn terug verdwijnt, maar  indien wij geconfronteerd worden met een dier met ademhalingsmoeilijkheden gaan wij deze zo snel mogelijk chirurgisch oplossen gezien het progressief karakter van deze aandoening. Bij deze  chirurgie gaan wij standaard een endoscopisch onderzoek van de luchtwegen uitvoeren om in te schatten welke operatie nodig is en eveneens bepalen wat de vooruitzichten op lange termijn zullen zijn.
Dieren die deze operatie ondergaan krijgen preventief medicatie om zwelling tijdens en vooral na  de chirurgie tegen te gaan en worden gedurende de ontwakingsfase permanent onder controle gehouden om eventuele complicaties snel te kunnen verhelpen.
Ook hier mag u rekenen op de deskundigheid van onze chirurgen en het voltallige team dat de nazorg op zich neemt. Deze operaties worden uitgevoerd door
Joris 

Oogchirurgie

Oogoperaties worden uitgevoerd door Joris
Oogoperaties die wij uitvoeren zijn

  • Het verwijderen van ooglidtumoren
  • Cherry eye of prolaps van de klier van het derde ooglid



    Hierbij gaan wij de klier via een speciale techniek terug vasthechten op de juiste plaats en niet zoals vroeger vaak gedaan werd de klier gewoon verwijderen (dit kan aanleiding geven tot het ontstaan van droge ogen syndroom of keratoconjunctivitis sicca)
  • Entropion (naar binnen krullen van de oogleden)
  • Ectropion (naar buiten krullen van de oogleden)
  • Tros of te ruime oogspleet



    Hier ziet u een oog waarbij de groene kleur aangeeft waar zich het letsel bevindt. Rond het letsel ziet u losliggende flapjes hoornvlies die de genezing in de weg staan. Eerst wordt het losliggende hoornvlies losgemaakt door hard te wrijven met een wattenstaafje en vervolgens worden lijntjes in het hoornvlies aangebracht met een zeer fijne naald vanuit de rand van het hoornvlies tot in het letsel. Zo wordt een raster of grid aangemaakt. Dit raster helpt bloedvaten uit de rand van het hoornvlies te migreren naar het letsel en zo de genezing te bespoedigen

  • behandelen van erg diepe oogzweren met een conjunctivaalflap 



    Deze kat werd ons aangeboden in een noodsituatie. Op de linkerfoto ziet u een bijna volledige perforatie van het hoornvlies door een onbehandelde zweer. Het blaasje is een descemetocoele en het enige dat het oogvocht nog in de oogbol houdt is een dun vliesje. Daarom werd bij deze kat naast een intensieve antibioticabehandeling en pijnstilling een flapje gecreëerd vanuit de binnenkant van de oogleden en dit werd vastgehecht op het hoornvlies. Deze hechtingen werden met zeer dun hechtmateriaal aangebracht (dunner dan een mensenhaar) en met een loupe bril.

  • Deze flap dient als een extra versteviging, maar ook om bloedvaten tot op de plaats van de infectie te brengen. Na 3 weken werd deze flap losgeknipt en werd het zicht van deze kat hersteld. De laatste foto is er eentje van 6 maand na de operatie waarop enkel een wit littekentje verraadt dat er ooit iets mis was met dit oog.



  • Hechten  van verwondingen in het hoornvlies
  • Terugplaatsen van de oogbol na een oogbolluxatie
  • Verwijderen van de oogbol bij te grote beschadigingen, tumoren, eindstadium glaucoom..
    …..

Speekselklierexcisie

Wanneer de afvoergang van de grote speekselklieren beschadigd is, bijvoorbeeld door te hard trekken aan een wurgketting, of verstopt is door een steentje, zal het geproduceerde speeksel niet langer in de mondholte terechtkomen maar wel onderhuids in de hals beginnen lekken. Dit speeksel heeft op zich een irriterend effect en zo ontstaat een pseudoholte of “ranula”, gevuld met speeksel en bloed, zoals bij deze hond goed te zien is op de eerste foto. De enige juiste behandeling hiervoor is het volledig verwijderen van de grote kaakspeekselklier samen met de afvoergang en de speekselklieren die onder de tong te vinden zijn van de aangetaste kant.

Nieren

Hydronefrose
Dit is een aandoening waarbij het nierbekken, waarin de urine verzameld wordt in de nier, geleidelijk begint uit te zetten doordat de urine de nier niet kan verlaten. Het normale nierweefsel blijft urine produceren tot het moment dat de druk vanuit het uitzettende nierbekken zo groot wordt, dat al het normale nierweefsel afsterft en nog enkel een met urine uitgezet nierbekken overblijft in het eigenlijke nierkapsel. Deze nier zal chirurgisch moeten verwijderd worden. De aandoening ontstaat door een verstoorde afvoer van urine via de ureter (buisje dat urine van de nier tot in de blaas brengt). Dit kan een aangeboren blokkage zijn, eventueel tesamen met ectopische ureters (foutgeplaatse urineleiders). Het  kan ook veroorzaakt worden door tumoren of steentjes in de afvoergangen, een trauma,... Vooraleer hier tot chirurgie wordt overgegaan, wordt eerst de andere nier goed beoordeeld op functionaliteit en wordt de onderliggende oorzaak opgespoord via echografie of endoscopie.


Blaasoperaties


Operaties die aan de blaas uitgevoerd worden door ons zijn zeer divers.
Blaasstenen verwijderen proberen wij indien mogelijk via cystoscopie of laparoscopisch geassisteerde cystoscopie uit te voeren.
Daarnaast kunnen wij een bekkenblaas bij incontinentieproblemen verplaatsen, tumoren of eventuele poliepen resecteren…

Penisoperaties


Operaties die aan de penis worden uitgevoerd zijn zeer divers. Bij een te nauwe of te lange voorhuid kan het nodig zijn deze te verwijden of in te korten, bij penistoptumoren kan een gedeeltelijke of gehele penisamputatie nodig zijn.
Bij katers met penisobstructies voeren wij indien nodig ook een penisamputatie uit zodat een wijde plasopening gecreeerd wordt.


Vagina
-
vaginatumoren



Vaginatumoren komen meestal voor bij oudere niet- gesteriliseerde  teefjes. Deze veroorzaken veel hinder tijdens het plassen door de ruimte die ze innemen. Symptomen hiervan  zijn bloedverlies, ongemak (teefjes gaan veel likken aan hun vulva, sleetje rijden…), en soms is de massa zelf zichtbaar in de streek tussen de anus en vulva. Deze tumoren kunnen goedaardig of kwaadaardig zijn en  hebben algemeen genomen  een goede prognose en weinig neiging tot uitzaaiingen. Om deze tumoren te kunnen verwijderen moet de wand van de vagina vaak ingesneden worden om de tumoren te kunnen bereiken. Vervolgens wordt de tumor verwijderd en de vaginawand wordt terug gesloten. Naast het verwijderen van de tumor wordt ook aangeraden tegelijkertijd de  baarmoeder en de  eierstokken te laten verwijderen.Soms is het nodig de volledige vagina en baarmoeder te verwijderen wanneer er meerdere massa’s aanwezig zijn; dit wordt een totale ovariohysterectovaginectomie genoemd. De plasbuis wordt dan verlegd en direct aangesloten op een opening in de huid.


maagdarm

Verwijderen vreemd voorwerp
Deze hond werd ons gepresenteerd met klachten van aanhoudelijk braken. Een studie met contrastmiddel toont op de eerste foto een duidelijke obstructie in de dunne darm. Via een minimale buikincisie werd het aangetaste stukje darm opgespoord. Vervolgens werd  een  incisie in de darmwand gemaakt en het vreemd voorwerp werd verwijderd.De darmwand werd hierna nagekeken op vitaliteit en daarna gehecht. Wanneer er een vermoeden zou geweest  zijn dat het stukje darm te erg aangetast was, zou dit stuk verwijderd kunnen worden.



Lever en milt operaties

De lever is een sterk doorbloed orgaan. Uitzaaiingen van levertumoren kunnen vaak gezien hun uitgebreidheid niet geopereerd worden.
Een primaire levertumor; dit is een tumor die ontstaan is in de lever zelf kan eventueel nog verwijderd worden.
Via echografie en een voorafgaande laparoscopie wordt bepaald of een gedeeltelijke leverlobresectie mogelijk is.


Bij galblaasproblemen kan deze ook verwijderd worden; afhankelijk van de patiëntgrootte kan dit al dan niet laparoscopisch gebeuren.

milt


De  operaties die uitgevoerd worden aan een milt beperken zich meestal tot een gehele of gedeeltelijke resectie van de milt bij milttumoren of een niet te stelpen bloeding.

Wij maken hierbij gebruik van uiterst  gespecialiseerd materiaal om bloedingen tegen te gaan.

In het onderstaande filmpje ziet u ons een milt verwijderen met deze speciale ultrasone scalpel; hierdoor wordt de operatieduur sterk verkort!



hernia diafragmatica

Een hernia diafragmatica is een situatie waarbij door trauma (bijv. een val van grote hoogte, een autoaccident,een  stamp,..) een scheur optreedt in het middenrif, dat normaal gezien de borstholte en de buikholte van mekaar scheidt. Via deze scheur kunnen  buikorganen dan in de borstholte terechtkomen. Deze organen drukken op de longen en bemoeilijken de  ademhaling.

Tijdens de operatie worden via de buik  de organen doorheen de middenrifscheur terug op de juiste plaats gebracht. De scheur wordt daarna hersteld en de negatieve druk, die normaal  in de borstholte heerst, wordt  terug op peil gebracht. Dit is een aandoening die soms pas maanden na het initiële letsel wordt vastgesteld.Symptomen zijn een  bemoeilijkte ademhaling, soms braken, lege buik,..

Botchirurgie

Deze operaties worden uitgevoerd door Joris

Fractuurbehandeling

Een onfortuinlijke val, een autoaccident, een trap van een paard,...
een fractuur ontstaat  soms rapper dan men denkt.

De behandelingsstrategie van een  fractuur zal afhangen van bepaalde zaken:
- leeftijd van de hond ( jonge pups genezen veel sneller dan oude honden)
- open fractuur versus gesloten ( bij een open fractuur waarbij de fractuurdelen in contact         
staan/hebben gestaan met de buitenlucht en waarbij er dus meestal infectie optreedt kunnen bepaalde implantaten eventueel niet gebruikt worden
 - is er veel of weinig verplaatsing ( bij weinig verplaatsing kan er eventueel nog met een  
spalk gewerkt worden )
- lokalisatie van de fractuur ( een bovenbeen kan bijvoorbeeld niet ingespalkt worden)
- is er nog gevoel/ doorbloeding in het lidmaat ( een dure operatie uitvoeren op een poot  waar de bezenuwing ernstig beschadigd is heeft geen zin..)
- eventueel overweging naar kostprijs van de behandeling ( fractuurbehandeling is niet goedkoop;  er wordt gewerkt met gespecialiseerd materiaal dat allemaal zijn prijskaartje heeft)

Na een grondig algemeen onderzoek van de patiënt wordt een behandelingsplan opgesteld in samenspraak met u als eigenaar. De mogelijkheden en slaagkansen worden samen met u overlopen. Het merendeel van de fracturen kunnen wij hier op de praktijk behandelen. Indien het een zeer complexe fractuur betreft of een fractuur die extra gespecialiseerd materiaal vereist, zullen wij u doorverwijzen naar een ander centrum.


Femurkop en nek-resectie

Het verwijderen van een heupkop is soms geïndiceerd bij heupkopfracturen, een legg perthes en 
chronische of weerkerende heupkopluxaties, of eventueel bij heupdysplasie bij lichtere honden.
Een heupkopfractuur  ontstaat meestal na een val van enige hoogte, een trap of een  autoaccident. Het afgebroken stukje is vaak zeer klein bij kleine dieren en  meestal onmogelijk om te reconstrueren.Bij een grotere hond kan dit eventueel wel nog hersteld worden Een legg perthes is een aandoening die we meestal bij jonge dieren zien. Het bloedvat dat de heupkop van  voeding voorziet sterft af en de heupkop wordt hierdoor totaal misvormd en veroorzaakt aldus veel pijn. 
Een heupkopluxatie ontstaat net zoals een heupkopfractuur na een ernstig trauma. Dit moet meestal opgelost worden via een operatie (vooral bij katten )  waarbij de heupkop terug op zijn plaats gezet wordt en het kapsel dat rond het gewricht zit hersteld wordt. Soms gaat de heupkop hierna alsnog luxeren of is er een klein botfragmentje afgebroken en dan is een heupkop en nekresectie  aangewezen.
Bij ergere graden van heupdysplasie kan deze techniek ook aangewezen zijn bij honden tot 25 kg lichaamsgewicht om alzo de pijn van het zieke gewricht te onderdrukken.

Bij de operatie wordt de heupkop via een incisie op het bovenbeen benaderd en met een botzaag verwijderd. Hierbij wordt ook de femurnek verwijderd omdat deze, door tegen het bekken te schuren, pijn zou veroorzaken. Het uiteindelijke doel van deze operatie is het ontstaan van een pseudogewricht. Bij het merendeel van de dieren geeft dit op termijn een zeer goed pijn




Operaties aan de knie

Patellaluxatie

De knieschijf of patella brengt de kracht over van de grote spiergroep op het bovenbeen, de quadriceps, en hecht zich vast op de voorkant van het onderbeen, juist onder de knie op de tuberositas tibiae. In het onderste gedeelte van het bovenbeen bevindt zich een groeve (de patellaire groeve) en normaal gesproken beweegt de knieschijf mooi op en neer in deze groeve zonder over de rand te komen.

Een patellaluxatie wil niets anders zeggen dan een verplaatsing van de patella uit deze groeve.

Hierin zijn verschillende gradaties en richtingen:  

  • een verplaatsing  van de patella naar de binnenkant van de  knie wordt mediale patellaluxatie genoemd en is de meest voorkomende vorm van patellaluxatie. Dit wordt zeer vaak gezien bij hondjes van kleine rassen zoals chihuahua’s.
  • een verplaatsing naar de buitenkant van  de knie wordt laterale patellaluxatie genoemd.Als dit voorkomt zien we  dit voornamelijk bij de grote rassen.


Een patellaluxatie wordt onderverdeeld in vier graden, naargelang de ernst van de luxatie. Dit is vooral belangrijk voor de keuze van de behandeling.

  • Graad 1: De knieschijf kan uit de groeve geduwd worden maar schiet vanzelf terug op haar plaats bij bewegen van de achterpoot.
  • Graad 2: Hierbij schiet de patella af en toe zelf uit de groeve en blijft in deze stand staan. Door het regelmatig op en af schieten van de knieschijf ontstaan artrose en afvlakking van de kraakbeensleuf.
  • Graad 3: De knieschijf is constant geluxeerd en wanneer de knieschijf weer in de goede positie gezet wordt, schiet deze er vanzelf weer uit. De patellaire groeve is sterk afgeplat.
  • Graad 4 is de ergste gradatie en hierbij is de patella constant geluxeerd en kan deze niet meer in de juiste positie gebracht worden. De kraakbeensleuf is sterk afgeplat of bijna onbestaande.
De oorzaak van een patellaluxatie is vaak aangeboren en heeft vaak  een erfelijke component zodat wij afraden van met deze dieren te fokken. Een patellaluxatie kan ook door trauma veroorzaakt worden waarbij de zijdelingse banden  uitgerokken of doorgescheurd zijn.

De diagnose van een patellaluxatie is vaak niet moeilijk en wordt tijdens een klinisch onderzoek met de hand  vastgelegd door bij gestrekte stand van de knie te proberen de knieschijf uit de groeve te duwen.
Radiografieën worden vaak genomen ter bevestiging maar ook om andere abnormaliteiten in de stand van deze poot vast te stellen.
Dieren met een intermitterende patellaluxatie (waarbij de knieschijf dus af en toe uit de groeve gaat en er terug inspringt) gaan typisch enkele passen op 3 poten lopen wanneer de patella geluxeerd is. Wanneer de knieschijf terug op haar plaats zit, hervatten ze hun normale gang.
Dieren met een permanente luxatie lopen typisch met gestrekte knie en gekromde onderbenen.(cowboy)

De patella rechts zit hier volledig naar de binnenkant van de knie geluxeerd met ernstige kromming van het bovenbeen.

Behandeling.

Dieren met de lichtste gradaties hebben vaak geen nood aan een behandeling. Dieren waarbij de luxatie hinder veroorzaakt zijn daarentegen vaak sterk gebaat met een operatie.
De operatie bestaat meestal uit drie delen:

1. het uitdiepen van de groeve waarbij een stukje kraakbeen v-vormig wordt uitgezaagd, het onderliggend bot verder wordt uitgediept en het stukje kraakbeen wordt teruggeplaatst.

2. het doorzagen van de aanhechting van de kniepees op het onderbeen ( de tuberositas tibiae ) en de verplaatsing hiervan naar lateraal of mediaal al naargelang de luxatie. Op die manier zorgen de trekkrachten op de onderkant van de knieschijf  ervoor dat de knieschijf op haar plaats blijft. De tuberositas wordt vastgezet op haar nieuwe positie met een pin of een schroef en gaat in deze positie binnen 6 weken vastgroeien.

3. het opspannen van het weefsel aan de zijkant  van de knie

De dieren hebben hier algemeen genomen weinig hinder van ondanks het feit dat dit toch een ingrijpende operatie is. Belangrijk is dat de dieren na de operatie rustig en aangelijnd worden gehouden gedurende een periode van 6 weken en de beweging geleidelijk terug opgebouwd wordt.

Kruisbandruptuur

Een kruisbandruptuur is de meest voorkomende oorzaak  van mankheid op een achterpoot bij een hond. Een hond heeft 2 kruisbanden in de knie waarbij de ruptuur meestal optreedt in de voorste kruisband. Deze band zorgt voor een stabilisatie van de knie en belet het achterwaarts bewegen van het bovenbeen t.o.v. het onderbeen.

Een kruisbandruptuur ontstaat in tegenstelling tot bij de mens meestal door een degeneratief proces waarbij een ontsteking de kruisband verzwakt en een trauma de aanleiding geeft tot de ruptuur. Vaak zien we dat een hond met een kruisbandruptuur op 1 poot binnen de 2 jaar een ruptuur heeft aan de andere poot of zelfs gelijktijdig een ruptuur aan beide poten. Een gedeeltelijke of partiële ruptuur zal uiteindelijk tot een volledige ruptuur leiden. Vaak hebben honden met een kruisbandruptuur reeds bijkomende artrotische veranderingen door de ontsteking.

De diagnose

De diagnose wordt gesteld aan de hand van een uitgebreid onderzoek.Wanneer de pijn gelokaliseerd wordt t.h.v. de knie wordt de opzetting van het gewricht beoordeeld. In het bewegingsonderzoek wordt de schuifladetest uitgevoerd. Hierbij wordt gekeken of het scheenbeen abnormaal ver naar voren kan bewegen ten opzichte van het dijbeen. Bij een volledig gescheurde voorste kruisband is dit het geval. Bij een gedeeltelijk gescheurde kruisband is de knie wel stabiel, maar vaak pijnlijk. Vooral het naar binnen draaien van het onderbeen doet vaak pijn.
Na het mankheidsonderzoek  worden altijd radiografieën genomen. Deze dienen ter bevestiging van de diagnose maar ook om de uitgebreidheid van eventuele reeds aanwezige artrose in te schatten of eventueel op zoek te gaan naar een patellaluxatie.

        ruptuur voorste kruisband: tekens van artrose+ bovenbeen rust niet meer volledig op onderbeen

De behandeling

Zowel de gedeeltelijke ruptuur als de totale ruptuur worden best zo snel mogelijk geopereerd. Het degeneratieve proces in de knie zal aanleiding geven tot een verregaande ontsteking en de hierdoor bijkomende  gewrichtsontsteking. Bij eender welke gebruikte techniek zal het gewricht eerst geopend worden en restanten van de kruisband opgeruimd. De binnenste meniscus wordt nagekeken op scheuren en de achterste ophanging hiervan wordt losgemaakt om een eventuele scheur in de toekomst tegen te gaan.
Daarna moet een stabilisatie van het kniegewricht bekomen worden.

Bij kleinere rassen onder de 10 kg is het mogelijk deze stabilisatie te bekomen door een  nylon bandje naast het gewricht te plaatsen (teugels van flo) .Deze techniek heeft  zeker zijn nut bewezen maar we merken toch dat de  volledige belasting van de poot in de eerste 6 maanden na de operatie langer op zich laat wachten dan bij de nieuwere technieken en dat er ook meer artrose optreedt en de knie toch minder stabiel wordt .

TTA en TTA-rapid (Tuberositas tibiae advancement)

De TTA-rapid is de opvolger van de gewone TTA-techniek. Bij beide technieken wordt het bovenste stuk van het scheenbeen (tuberositas tibiae), waarop de kniepees zich vasthecht, geheel (TTA) of gedeeltelijk (TTA-rapid) doorgezaagd en naar voor geplaatst zodat er een voorwaartse spanning op de de kniepees ontstaat die de krachten van de oorspronkelijke kruisband overneemt. De rest van het scheenbeen wordt door deze ontstane kracht naar achter verplaatst. Bij de TTA-techniek wordt er een blokje geplaatst tussen de losgezaagde delen en ter versteviging wordt een plaat op beide delen vastgeschroefd.

Bij de TTA-rapid wordt gebruik gemaakt van een high tech titanium kooi die met 4 of 6 schroeven wordt vastgezet. Het implantaat wordt volledig geschroefd, zodat het mechanisch een stevige constructie vormt met het scheenbeen. Zelfs als onverhoopt het gedeeltelijk doorgezaagde voorste deel van het scheenbeen aan de onderzijde losraakt, blijft de constructie zeer stabiel, dit in tegenstelling tot de normale TTA-techniek. Door het grote aantal verschillende implantaten, kan de TTA-rapid bij alle hondenrassen worden toegepast. De stabiele constructie, de geringe invloed op de overige biomechanica van het kniegewricht, de relatief voor de hond weinig belastende operatie en kleine kans op complicaties maakt de TTA-rapid tot de eerste keuze voor de behandeling van de gedeeltelijke of totale ruptuur van de voorste kruisband bij de hond.

De TTA-rapid operatie

Allereerst wordt er een zijdelingse röntgenfoto genomen van de betreffende achterpoot. Met behulp van metingen wordt de maat van het implantaat bepaald.

We beginnen zoals steeds met het openen van het kniegewricht. De geruptureerde kruisband wordt verwijderd en dan wordt de meniscus beoordeeld. Indien er ook een ruptuur in de meniscus aanwezig is, wordt deze scheur verwijderd. Vervolgens wordt de achterste binnenste ophanging   van de meniscus losgemaakt om toekomstige scheuren tegen te gaan.

De volgende stap is het deels doorzagen en naar voren brengen van het bovenste voorste gedeelte van het scheenbeen waaraan de kniepees bevestigd is. Zo ontstaat er ruimte voor het plaatsen van het implantaat. Tevens wordt dan wat beenmerg uit het scheenbeen gehaald om dit na het plaatsen van het implantaat weer aan te brengen in de zaagsnede . Het implantaat wordt met 4 of 6 schroeven in het scheenbeen geplaatst.

Na de operatie krijgt uw hond 5 dagen antibiotica mee (om elke kans op infectie tegen te gaan ) en voor 3 à 4 weken ontstekingsremmers-pijnstillers.

De eerste dagen na de operatie raden wij aan om gebruik te maken van coldpacks tegen de zwelling en de pijn. De eerste weken na de operatie moet de hond goed aangelijnd worden en de beweging beperkt.  Na 6 weken is er normaal voldoende genezing en wordt een controle rx genomen. De honden nemen betrekkelijk snel terug steun op de geopereerde poot zoals zeer duidelijk blijkt uit het volgende filmpje van een hond 3 dagen nadat de operatie op zijn knie werd uitgevoerd